Veters strikken doe je in een vaste volgorde van kleine handelingen. Begin met het leggen van een eerste knoop, maak daarna een lus en wikkel de andere veter eromheen. Hieronder vind je een helder stappenplan dat je zelf kunt volgen of aan een kind kunt uitleggen.
Het veters strikken stappenplan stap voor stap
Doe dit stappenplan rustig, en herhaal het zo vaak totdat de beweging vanzelf gaat. Werk altijd met de schoen voor je, zodat je goed zicht hebt op wat je doet.
- Stap 1: pak de veters vast. Houd in elke hand één veter. Zorg dat je genoeg lengte hebt om mee te werken.
- Stap 2: leg de veters over elkaar. Leg de rechter veter over de linker veter, zodat ze een kruis vormen.
- Stap 3: haal een veter onder de andere door. Duw de bovenste veter van onderen door het gat dat de kruising maakt.
- Stap 4: trek stevig aan. Trek beide veters tegelijk naar buiten om de eerste knoop strak te maken. Dit is de basisknoop.
- Stap 5: maak een lus. Vouw een van de veters dubbel tot een lus, ook wel een “oor” of “haasje” genoemd.
- Stap 6: houd de lus vast. Houd de lus stevig tussen duim en wijsvinger van de ene hand.
- Stap 7: wikkel de andere veter eromheen. Pak de losse veter en wikkel die rondom de lus, van onderen naar boven.
- Stap 8: duw de veter door het gaatje. Duw een deel van de omgewikkelde veter door het kleine gaatje dat is ontstaan achter de lus. Dit vormt de tweede lus.
- Stap 9: pak beide lussen vast. Houd een lus in elke hand.
- Stap 10: trek de lussen tegelijk strak. Trek beide lussen stevig naar buiten. De strik zit nu vast.
Veelgemaakte fouten bij het strikken van veters
De eerste knoop loopt scheef of gaat meteen los? Dat komt bijna altijd doordat stap 3 verkeerd gaat. Controleer of je de veter écht van onderen door het gat haalt, niet van bovenaf. Een knoop die van bovenaf gemaakt wordt, ligt plat en wordt nooit stevig.
Een andere veelgemaakte fout is dat de strik na een paar minuten al losraakt. Dit heeft vaak te maken met stap 7: als je de veter slordig om de lus wikkelt, houdt de knoop minder goed. Neem de tijd om de veter netjes rondom te leggen voor je de tweede lus maakt.
Tips om het veters strikken in te oefenen
Oefen niet als je haast hebt. Een rustig moment, zonder tijdsdruk, werkt het best. Leg de schoen plat op tafel zodat je beide handen vrij hebt en goed kunt zien wat je doet.
Voor kinderen helpt het om de stappen een naam te geven. Zo wordt de lus in stap 5 het “haasje” en het omwikkelen in stap 7 het “hol graven”. Die beelden helpen om de volgorde te onthouden. Herhaling is daarna het enige wat nodig is. De meeste kinderen hebben de handeling na vijf tot tien oefeningen goed in de vingers.
Veters met een beetje grip, zoals katoenen veters met een ruw oppervlak, zijn makkelijker dan gladde synthetische veters. Begin dus bij voorkeur met een paar schoenen waarvan de veters niet glad zijn.
Volg het stappenplan rustig in volgorde, train een paar keer per dag en de beweging wordt vanzelf automatisch. Zit de strik daarna toch steeds los? Probeer dan na stap 4 de basisknoop omgekeerd te leggen: dat geeft bij sommige mensen een steviger eindresultaat.


