Welke maat kleding voor je baby? Zo kies je de juiste maat

De maat kleding voor een baby is bijna altijd gelijk aan de lichaamslengte in centimeters. Een pasgeboren baby van gemiddelde lengte past in maat 50. Dat klinkt simpel, maar in de praktijk loopt de maatvoering tussen merken uiteen en groeit een baby zo snel dat je al na een paar weken een maatje verder zit. Hieronder lees je precies hoe je de juiste maat bepaalt en waar je rekening mee houdt.

Hoe werkt de maatindeling van babykleding?

Bij babykleding staat het maatgetal voor de aanbevolen lichaamslengte in centimeters. Maat 56 is dus bedoeld voor een baby van ongeveer 56 cm lang. Die lengte, niet het gewicht of de leeftijd, is het vertrekpunt. Leeftijdsaanduidingen op labels zoals “0-3 maanden” zijn een ruwe indicatie, maar omdat baby’s sterk kunnen verschillen in lengte, zegt de centimetermaat meer.

Weeg ook het gewicht mee. Een stevige baby van 56 cm kan soms al aan maat 62 toe zijn, ook al klopt de lengte nog. Sommige merken vermelden gewichtsbereiken op het label; gebruik die als extra check.

Maattabel babykleding per leeftijd en lengte

De tabel hieronder geeft de gangbare maten en de bijbehorende gemiddelde leeftijd en lengte. Het zijn richtlijnen, geen vaste regels.

Maat Lichaamslengte Gemiddelde leeftijd
50 tot 50 cm Pasgeboren
56 50 tot 56 cm 0 tot 2 maanden
62 56 tot 62 cm 2 tot 4 maanden
68 62 tot 68 cm 4 tot 6 maanden
74 68 tot 74 cm 6 tot 9 maanden
80 74 tot 80 cm 9 tot 12 maanden
86 80 tot 86 cm 12 tot 18 maanden

Welke maat kleding heeft een pasgeboren baby?

De meeste pasgeboren baby’s passen in maat 50, de kleinste gangbare babymaat. Een gemiddeld Nederlands pasgeboren kindje heeft een lengte van ongeveer 50 cm. Maat 50 sluit daar direct op aan. Koop je kleding vooruit, wacht dan niet te lang met de overgang naar maat 56: veel baby’s groeien in de eerste weken al twee tot drie centimeter.

Een valkuil is maat 50 te ruim inslaan voor de geboorte. Sommige baby’s, zeker als ze vroeg geboren worden of kleiner zijn dan gemiddeld, passen tijdelijk in maat 44 of 48. Die maatjes zijn minder breed verkrijgbaar. Koop voor de geboorte eerder een paar stuks dan een hele stapel, zodat je niet met een kast vol te kleine rompertjes zit.

Groter kopen: slim of niet?

Het is verleidelijk om een maatje groter te kopen zodat kleding langer meegaat. Dat kan, maar heeft een grens. Bij rompertjes en slaappakjes met voetjes wordt te grote kleding een valgevaar of zit het oncomfortabel. Bij losse broekjes en truitjes is een maatje groter vaak geen probleem, zeker als er aanpassingsmogelijkheden zijn zoals een elastiek of knopen.

Een vuistregel die veel ouders gebruiken: koop dagelijkse items (bodysuits, rompers) in de huidige maat en koop buitenkleding zoals jasjes en overalls een maatje groter. Die trek je immers over andere kleding heen en ze hoeven minder precies te passen.

Merkverschillen waar je op moet letten

Niet elk merk hanteert dezelfde maatvoering. Sommige Scandinavische merken vallen ruimer uit; bij bepaalde budgetmerken kan maat 68 strakker zijn dan bij een ander merk. Lees altijd de maattabel van het specifieke merk voordat je online bestelt. Koop je voor het eerst bij een nieuw merk, dan is het verstandig te beginnen met één stuk om de pasvorm te beoordelen.

Bij tweedehands kleding geldt bovendien dat babykleding na wassen kan krimpen. Een label met maat 62 kan na een paar wasbeurten dichter bij maat 56 zitten. Houd daar rekening mee als je tweedehands kleding koopt die er vrijwel nieuw uitziet.

De lengte van je baby meten doe je het makkelijkst liggend, van de kruin tot de hiel, met een zachte meetlint. Doe dit vlak voor het slapengaan (baby’s zijn dan iets kleiner door de druk overdag) of ’s ochtends voor het voordeligste resultaat. Meet elke vier tot zes weken opnieuw en pas de kledingmaat aan zodra kleding strak begint te worden bij de schouders of de voeten.